Skip to main content

You are here

 

Leren rijden met een automaat: deze tips mag je niet missen!

Vroeger waren auto’s met een automatische versnellingsbak veeleer de uitzondering dan de norm, maar vandaag zie je ze meer en meer. Je hebt vast al gemerkt dat sommige automerken bepaalde modellen zelfs alleen nog maar aanbieden als ‘automaat’. Heb jij je oog laten vallen op een auto met een automatische versnellingsbak, maar weet je niet hoe je ermee moet rijden? Oefening baart kunst. Lees hier alvast onze handige tips om te leren rijden met een automaat!

Pedalen, letters en cijfers

Net zoals auto’s met een traditionele versnellingsbak heeft een automaat ook gewoon een rem- en een gaspedaal, die respectievelijk links en rechts zitten. Het ontkoppelingspedaal ontbreekt uiteraard. Op de pook zie je zowel letters als cijfers:

  • D staat voor ‘drive’ (rijden)
  • P staat voor ‘park’ (parkeren)
  • N staat voor ‘neutral’ (neutraal)
  • R staat voor ‘reverse’ (achteruitrijden)

Over de cijfers lees je onderaan dit artikel meer.

Leren rijden met een automaat in ‘drive’

Om te vertrekken met een automaat, hou je je voet eerst stevig ingedrukt op het rempedaal en zet je de pook in de D-stand. Start de motor en laat het rempedaal langzaam los (vergeet de handrem niet!). De auto begint nu te rijden. Om sneller te gaan, druk je het gaspedaal in.

Remmen doe je zo

Remmen doe je met een automaat net zoals met een traditionele versnellingsbak. Je haalt je rechtervoet van het gaspedaal en drukt er vervolgens het rempedaal zachtjes mee in (of stevig voor een noodstop).

Je automaat parkeren

Parkeren met een automaat doe je met behulp van het rempedaal, dat je voorzichtig loslaat en, zodra je tevreden bent over je parkeerpositie, vervolgens volledig indrukt zodat de auto tot stilstand komt. Nu zet je de pook in de P-stand en schakel je de motor uit. De P-stand blokkeert de versnellingsbak, maar het is aangeraden om sowieso toch de handrem te gebruiken om geen nodeloos risico te nemen.

Achteruitrijden

Ook achteruitrijden met een automaat is helemaal niet zo moeilijk. Druk eerst het rempedaal in, zodat de auto volledig tot stilstand komt. Daarna zet je de pook in de R-stand en laat je het rempedaal los om achteruit te rijden.

Wanneer zet je een automaat in neutraal?

De N-stand gebruik je als je in de file staat of ergens geparkeerd staat en de motor wilt laten draaien. Gebruik hem nooit wanneer je aan het rijden bent!

Wat dan met die cijfers op de pook?

Je kunt met een automaat ook remmen op de motor. Daarvoor zet je de pook in 1, 2 of 3. Dit is vooral handig wanneer je bijvoorbeeld bergaf rijdt en je remmen wilt sparen. Met 1 rem je het hardst af, met 2 behoud je je snelheid iets meer en met 3 blijf je het snelst rijden.

Meer informatie

Nog niet helemaal overtuigd of een automatische versnellingsbak wel iets voor jou is? Lees meer over de voordelen van schakelen met een automaat.

Interesse in meer tips en exclusieve promo's?

Door dit te versturen gaat u akkoord met de privacy voorwaarden

Deel dit artikel

Meer weten overTips